U bent hier


In sociaal centrum Plein vond hoofd-maatschappelijk-werker Nick Verrept drie jaar lang een aparte uitdaging. Samen met zijn team zette Nick zich in voor een specifieke doelgroep. ‘Sociaal centrum Plein biedt maatschappelijke hulp voor mensen met een tijdelijk verblijfstatuut of zonder geldige verblijfsdocumenten. Ook zij hebben recht op basiszorg zoals dringende medische hulp.’

Sinds juni is Nick bij sociaal centrum Wilrijk aan de slag waar de nadruk ligt op wijkwerking met diverse doelgroepen. ‘Het is een klein team waardoor je sneller persoonlijk contact hebt met de maatschappelijk werkers, dat is fijn. De sfeer zit goed, ik investeer sterk in de samenwerking met het team. Als hoofd-maatschappelijk-werker moet je erg toegewijd zijn en er vol tegenaan gaan. Anders lukt het niet. Het moeilijkste is om een goed evenwicht te vinden tussen enerzijds het beleid, de beleidsregels en –beslissingen en anderzijds de maatschappelijk werker met zijn visie over de hulpverlening aan zijn klanten.’

 

‘Mijn hoofdtaak is om als leidinggevende de werking van het sociaal centrum te coördineren en ons team aan te sturen. Bij het aansturen van de medewerkers probeer ik het beste in mijn mensen naar boven te halen. Regelmatig overleg met mijn maatschappelijk werkers over klantendossiers is ook belangrijk voor een optimale dienstverlening. Over moeilijke dossiers beslissen we binnen het sociaal centrum niet zelf. Die dossiers breng ik voor het Bijzonder Comité Sociale Dienst (BCSD). Dat comité bestaat uit een deel van de OCMW-raad. Ik moet ook regelmatig aanwezig zijn op raadszittingen om over bepaalde klantendossiers toelichting te geven aan de raadsleden. Het is verder mijn taak om klachten over individuele dossiers correct op te volgen.’

‘Daar stopt het niet bij (lacht). ‘Als hoofd-maatschappelijk-werker is het ook belangrijk dat ik de werking van mijn dienst optimaliseer.’

Durven vernieuwen

‘De wetgeving en werkmethodes rond maatschappelijke integratie evolueren continu. Je moet dus blijven vernieuwen. Dat kan door deel te nemen aan werkgroepen en
-projecten. En door problemen, evoluties en trends aan het beleid te signaleren. Het is ook belangrijk om een goed netwerk uit te bouwen en contacten te onderhouden met andere organisaties en diensten binnen het werkveld. Aan uitdaging geen gebrek dus!’

 

‘Bij het OCMW vond ik persoonlijk een afwisselende, zelfstandige job met veel ruimte voor initiatief. Er is een goed evenwicht vind ik tussen inhoudelijk werk met klanten, begeleiding van medewerkers en beleidsgerichte taken. Andere pluspunten? Het goede evenwicht tussen privé en werk, een goed loon voor de sector, de mogelijkheden tot interne mobiliteit en de aangename kanten van werken in een grootstad.’

Verwante onderwerpen